Een letterlijke roast over gourmetten

gourmetten

Het lijkt een jaarlijkse traditie voor menig kerstliefhebber: gourmetten. Het idee is simpel: je verwarmt de plaat, kiest een of meerdere stukjes vlees en braad zo ontzettend ambachtelijk de meest bijzondere soorten salmonella in je kotelet. Zoals je aan bovenstaand objectief stuk tekst al merkte: ik ben geen fan. Daarom vind ik het lastig te begrijpen dat half Nederland wél jaarlijks vrijwillig de stoppen door laat slaan door middel van dit ‘vleesfeest’. En dat voor bijvoorbeeld een doorgekookt stuk rund. 

Laat ik gelijk een irritatie op roepen die we allemaal voelen bij het gourmetten. Hoewel, voelen, het gaat hier meer om de geur die deze gekke manier van dineren met zich meebrengt. Verzamel je je namelijk met een gezelschap rond die o zo bekende gourmetplaat, dan weet je dat je de outfit in kwestie minimaal 6 weken niet meer aan kunt trekken. Alsof de bak en braad van Croma je decolleté is ingegoten. De geur in je kerstjurk, gilet of chique pantalon is niet te harden en hier zul je dan ook weken lang de dupe van zijn. Reken maar dat die vette dampen ook je haarwortels inkruipen. #nietchique

Gourmetten is bovendien een echte tijd rover. Zo moet je voor één hap, eerst drie keer je kipje omdraaien, open snijden, weer om draaien, proeven en tot slot eet je nog steeds maar een hap van net aan 3 vierkante centimeter waarvan ik meestal de gaarheid betwijfel. Niet ideaal. 

Deze kerst moet ik er zelf toch ook weer aan geloven. Ook al is gourmetten niet mijn favoriet, meestal haal ik toch plezier uit deze gekke manier van tafelen. Mijn vleesjes zijn niet altijd gaar, of zitten tegen het randje van verbrand, maar het zelf, ambachtelijk bereiden van je avondmaal(tje), heeft toch ook wel iets knus. O ja, één voordeel van dat gourmetten, zit hem toch echt in de details. Zo doop ik al mijn minuscule gerechtjes rijkelijk in saus en smaakt het vaak toch best oké.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *